Spectaculaire Napolitaanse kerststal in Utrecht

Detail Napolitaanse kerststal Museum Catharijneconvent (Foto Femke Lockefeer)

Een van de tradities bij Kerstmis vieren in Rome is dat je kerststallen gaat kijken. Veel winkels hebben hele kerststallen of onderdelen ervan in hun etalage staan, voor thuisgebruik. Daarnaast hebben niet alleen kerken, maar ook allerlei organisaties een uitgebreide kerststal neergezet. Beroemd is die van de vuilnisophalers – ik schreef er eerder over. En onder de linkerkant van de zuilengang van het Sint-Pieterplein is 7 januari weer een gratis tentoonstelling te zien van ruim honderd kerststallen uit heel de wereld, gemaakt van de meest uiteenlopende materialen.

Maar in Utrecht is dezer dagen, voor de tweede keer nu, een fenomenale kerststal te zien die zelfs in Rome zijn gelijke niet heeft. Gratis. Het Museum Catharijneconvent, in het hartje van de stad op 450 meter van de Dom, heeft een kerststal in de traditionele Napolitaanse stijl opgesteld van meer dan zeshonderd stukken. Prachtig beschilderde figuren, in verfijnde kleding van zijde, wol, katoen en brokaat. Uniek in Nederland, en misschien ook wel uniek voor Europa buiten Italië. Met een paar typisch Utrechtse herkenningspunten ertussen.

Eerst maar eens een paar foto’s. En dan hoe het zo is gekomen, wat er zo bijzonder is aan een Napolitaanse kerststal en hoe de Dom, geheel volgens de traditie, terecht is gekomen tussen de herders, de os en de ezel en de drie koningen.

Een telefoontje uit Antwerpen

Hoe kan dat, zo’n spectaculaire Napolitaanse kerststal in Nederland? Kerkelijke kunst is vanouds een belangrijk onderdeel van de collectie van het museum. Daarbij zat sinds begin jaren dertig ook een kerststal. Ook die werd regelmatig rond de feestdagen opgezet. De kerststal was in de loop der jaren uitgebreid tot een honderdtal stukken, en was redelijk populair. En zo kwam het dat op een dag in 2019 het museum een telefoontje kreeg uit Antwerpen.

De Vlaamse broer en zus die belden, zaten met een probleem. Hun ouders hadden heel hun leven lang figuren uit Napolitaanse kerststallen verzameld. Dat was een enorme collectie geworden, van zo’n zevenhonderd stukken, vaak eeuwenoud. Die stond in het kelder van het ouderlijk huis opgesteld, in een reeks vitrinekasten. Maar toen ze dat ouderlijke huis wilden verkopen, kwam de vraag: wat doen we met de kerststal? Belgische musea wilden alleen delen ervan hebben, maar de Antwerpenaren wilden de collectie die met zoveel liefde was opgebouwd, bij elkaar houden. Ze hadden nog nooit van het Museum Catharijneconvent gehoord, maar op Google over de kerststal daar gelezen. Of ze er eens over konden praten?

Restauratie

De familie en het museum werden het snel eens. Ik videobelde met conservator Pim Arts van het museum en die vertelde: ,,We hadden altijd al de wens om onze collectie flink uit te breiden. Om recht te kunnen doen aan een echte Napolitaanse kerststal gaat het niet alleen om de schoonheid van de beelden en het kerstverhaal en de specifieke scenes, maar ook om de kwantiteit. Je moet een kerststal heel groot maken om echt dat brok spektakel te laten zien. In één klap kregen we de kans daarvoor. Geweldig!”

Toen konden ze in het museum aan de gang. Hoewel de beelden zorgvuldig waren bewaard, moesten veel ervan worden gerestaureerd. Stoffen waren verkleurd, verf was afgebladderd, ledematen waren los komen te hangen. Met veel hulp van particulieren (er is een succesvolle crowdfundingsactie geweest ter aanvulling van andere subsidies) werd een ingrijpende restauratie mogelijk – een aantal stukken ging daarvoor weer even terug naar meester-kerststalmakers in Napels.

Vrouw, voor en na restauratie (foto’s Liesbeth van Ravels)

Scenes uit het dagelijks leven

Wat is er nou zo bijzonder aan een Napolitaanse kerststal? Daarvoor moeten we eerst terug naar achthonderd jaar geleden, en daarna met een sprong naar de achttiende eeuw.

De kerststal is bedacht door de heilige Franciscus (de naamgever van de huidige paus). Precies achthonderd jaar terug, in het jaar 1223, organiseerde hij in een grot in het stadje Greccio, niet ver van Franciscus’ geboortestad Assisi, een soort toneelstukje om het kerstverhaal uit te beelden. Een man en een vrouw speelden Maria en Jozef en er was een voederbak voor een echte baby (de kribbe). Er kwamen ook een os en een ezel bij, want dat waren dieren die vertrouwd waren voor de mensen, direct herkenbaar, ook al staan ze niet in de Bijbel.

Deze verbeelding van het kerstverhaal sloeg enorm aan. Soms werd weer een levende kerststal ingericht, maar vaker werden er beelden gemaakt van de hoofdfiguren uit het kerstverhaal. En, dat kennen we niet zo van de kerststallen in Nederland maar is typisch voor de Italiaanse kerststallen, er kwamen mensen en scenes uit het dagelijks leven bij. Zo moest het kerstverhaal dichter bij de mensen komen te staan.

Daarom zie je in de oude kerststallen verkopers van vis en fruit, een bakker, muzikanten, marktkooplui, zwervers en dronkenlappen – allemaal figuren uit het dagelijks leven van toen. Ga je nu in Italië kijken, dan zie je bij de kerststal van de spoorwegen treintjes rijden en bij die van de brandweer vuurtjes. En daarom zijn er in Utrecht, als een knipoog naar deze traditie, beelden van gebouwen bij gezet die kenmerkend zijn voor de stad. Denk aan de Dom, de Winkel van Sinkel aan de Oudegracht, de bloemenverkopers van het Janskerkhof.

Kribbe onder de Dom in Napolitaanse kerststal Museum Catharijneconvent (Foto Mike Bink)
Kribbe onder de Dom (Foto Mike Bink)

Een artistieke voorhoede in het koninkrijk

Maar het is een hele afstand van de sobere kerststal van Franciscus, achthonderd jaar geleden, naar de pracht en praal van de traditionele Napolitaanse kerststallen. Daarvoor moeten we fast forward van Franciscus in 1223 naar de Napolitaanse koning Karel VII in 1734 – een Spaanse prins, overigens, van het huis van Bourbon, maar dat stukje laat ik aan de geschiedenisboeken.

Napels was toen de grootste stad van het (in allerlei staatjes verdeelde) Italiaanse schiereiland en een van de grootste steden van Europa (groter dan het Amsterdam van de VOC, bijvoorbeeld). In 1734 werd het koninkrijk van Napels en Sicilië onafhankelijk van  Spanje, en die Karel VII, de prins die koning was geworden, wilde zijn koninkrijk in de etalage zetten. Een van de zichtbare manieren daarvoor was een sterke impuls geven aan de bestaande kerststaltraditie, vertelt conservator Arts. De beste ambachtslieden werden ingezet, want Karel VII wilde zijn koninkrijk in de artistieke voorhoede van Europa brengen. De hoofden van de beelden werden van porselein, gemaakt door de opkomende porseleinindustrie. Ze werden aangekleed met zijden kleren uit de zijdefabrieken die waren opgezet. Het skelet werd gemaakt van ijzerdraad, waardoor de figuren allerlei dynamische houdingen konden krijgen.

De beelden werden mooier en luxer. En ook de scenografie werd steeds grootser – soms moest je zoeken waar tussen al die beelden nu eigenlijk de kribbe staat. Op de straten in die spektakelstukken was overvloedig groente en fruit te zien. Ook al leden veel Napolitanen toen honger, in de propaganda van koning Karel VII was zijn nieuwe koninkrijk een plaats van overvloed, vertelt conservator Arts. Bedelaars hoorden bij het straatbeeld in Napels en daarom zag je die ook terug in de kerststallen, maar ze zagen er altijd doorvoed uit. En op veel plaatsen werd gedanst en muziek gemaakt.

De koning deed het voor, anderen deden het na, en zo is in de achttiende eeuw de traditie van de typisch Napolitaanse kerststal ontstaan. In een Napolitaans museum als dat van San Martino is misschien wel de beroemdste kerststal ter wereld te zien (ik heb geen directe link naar het museum kunnen vinden, maar kijk hier eens voor de foto’s).

Maar ook in Utrecht is nu een unieke Napolitaanse kerststal te bewonderen. Vorig jaar kwamen er vijftigduizend bezoekers. Dit jaar is het Napolitaanse spektakel twee weken langer te bezoeken. Met als uitdaging: er zijn twee olifanten en een muis, tussen al die figuren uit het Napolitaanse leven. Maar waar?

Praktische informatie

Het Museum Catharijneconvent ligt aan de Lange Nieuwstraat 38 in Utrecht.
Tot en met 14 januari is de kerststal dagelijks gratis te bezoeken. In principe van 10u tot 17u, maar op een aantal dagen (zoals de Kerstdagen en Oudjaarsdag) gelden afwijkende tijden. Op 28 december en 4 januari kan je tot 21u terecht. Gedetailleerde informatie hier.
Op 23, 27 en 30 december en op 3, 6 en 10 januari (11u30 en 13u) worden inleidingen georganiseerd over de Napolitaanse kerststal, ook gratis.

Foto Femke Lockefeer
(Foto Femke Lockefeer)

1 gedachte over “Spectaculaire Napolitaanse kerststal in Utrecht”

  1. Het museum heeft idd geen eigen website, maar valt onder het ministerie: http://www.beniculturali.it. Verder zoeken daar op Napoli.
    De Certosa di San Martino heeft een grote afdeling, die helemaal gewijd is aan kerststallen. Van kleine, onder een stolp, tot de grootste, met ca 800 stukken. Daarnaast veel onderdelen van kerststallen.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *