Naar een amfitheater van bergreuzen

Een pittige klim die een spectaculair uitzicht biedt op een amfitheater van rotsen en gletsjers in het nationale park Gran Paradiso, in Aosta. Bijna 700 meter hoogteverschil, ik was zeven uur onderweg (maar het kan volgens de wegwijzers wat sneller).

Italië heeft inmiddels zo’n 25 nationale parken, maar het eerste was het Gran Paradiso, het grote paradijs. Dit berggebied ligt in het uiterste noordwesten van Italië, in de regio Valle d’Aosta. Het was in de negentiende eeuw een koninklijk jachtdomein. Maar in 1922 werd het, na een schenking van koning Vittorio Emanuele III, een nationaal park.

© Foto Marc Leijendekker
© Foto Marc Leijendekker

Ik besloot een wandeling te maken die begint in het dal van Valnontey, iets ten zuiden van Cogne. Het dal eindigt in een halve cirkel van bergtoppen. Van beneden ziet dat er al prachtig uit, en wie niet wil klimmen kan doorlopen kan zo’n anderhalf uur doorlopen in het dal. Maar wie het echt mooi wil zien, moet de berg op.

De gletsjers vroeger en nu

Je loopt vanaf Valnontey, waar een grote parkeerplaats is, ongeveer een uur in zuidelijke richting het dal in. Naast je hoor je bijna voortdurend het geruis van de bergrivier met het smeltwater van de gletsjers. Uiteindelijk komt dat water, via de rivieren Grand Eyvia (bij Cogne), Dora Baltea en Po uit in de Adriatische Zee.

Het eerste uur loop je over een breed pad met veel bomen. Hier en daar zijn foto’s van hoe het een eeuw geleden was in de vallei. Kijk vooral eens naar de gletsjers, en vergelijk hoeveel eeuwige sneeuw er nu nog ligt.

Maar dan. Een bordje Alpe Money wijst naar links en dan begint het klimmen – voor echt ambitieuze bergwandelaars staat er een waarschuwing dat je geen rondje kunt lopen in het amfitheater van bergen, maar langs dezelfde weg terug moet. Een steil zig-zag pad met veel grote stenen brengt je op hoogte. Als vanzelf sta je regelmatig even stil. Om adem te halen, maar ook om naar de imponerende bergen te kijken waar je steeds beter zicht op krijgt. Als je dit in de ochtend doet, klim je nog in de schaduw.

Na ongeveer een uur houdt het zigzaggen bijna helemaal op. Je gaat via een schuin oplopend, rotsig pad, waar je af en toe goed moet uitkijken, in de richting van Money. Ik had wat moeite om de juiste rotscombinatie te vinden bij de doorgang van een ruisende bergbeek, maar op de terugweg bleek dat ik het stapeltje steentjes over het hoofd had gezien dat aangeeft: hier moet je beginnen om aan de overkant te komen.

Bergreuzen naast elkaar

En dan, na nog een klein stukje lopen, bereik je de stenige alpenweide van Money en ontvouwt zich het spektakel in al zijn glorie. Bergreuzen naast elkaar. Ik citeer uit lokale informatie: de Roccia Viva (3.650m), de Testa del Gran Crou (3.437m), de Testa di Valnontey (3.562m), de Testa della Tribulazione (3.642m) met de grootste gletsjer van dit amfitheater, en dan, rechts, de hoogste berg in deze streek, de Gran Paradiso (4.061m).

© Foto’s Marc Leijendekker

Ik heb overigens niet kunnen achterhalen waar de benaming ‘Money’ vandaan komt. Een Italiaans blog verwijst naar een gidsje van de Italiaanse alpinistenclub CAI, waarin staat dat het om een pre-romaanse term zou gaan. Het woord zou verwijzen naar gedeelde weidegrond – in het Iers bestaat het vergelijkbare woord ‘moin’. Volgens een lokale historicus zou het ook een verbastering kunnen zijn van Monte Nero, waarover in een notariële akte uit de achttiende eeuw wordt gesproken.

© Foto Marc Leijendekker

Als je pauzeert bij de (gesloten) hut hier, sta je daar niet zo lang bij stil. Het uitzicht is fenomenaal.

Meestal vind ik het saai om langs dezelfde weg terug te moeten gaan. Maar omdat je al zigzaggend bij de afdaling nog regelmatig het spectaculaire panorama voor je ziet, maakt dat even niet zo veel meer uit.

© Foto Marc Leijendekker

Praktische informatie

Ik neem mijn wandelingen op in wikiloc. Deze is hier terug te vinden – ik heb op Wikiloc de tocht als moeilijk gecatalogiseerd omdat er een paar stukken in zitten waar je goed op moet letten. Wie veel ervaring heeft met stevige bergwandelingen zal misschien eerder voor ‘gemiddeld’ hebben gekozen.

Ik ben van plan wat vaker een blog te publiceren over wandelingen die ik erg bijzonder vind. Zoals de makkelijke wandeling van een dikke twee uur langs het stuwmeer achter een van de grootste stuwdammen van Europa, ook in de Valle d’Aosta.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


De verificatie periode van reCAPTCHA is verlopen. Laad de pagina opnieuw.